U bent hier: >> Twee uitgezondenen delen hun geloof

Twee uitgezondenen delen hun geloof

Ds. Cor Harryvan

veldwerker, Oekraïne Zending, standplaats Kiev

“Wanneer je begint met werken in de zending heb je allerlei plannen om van alles neer te zetten. Maar in werkelijkheid ervaar ik meer dat het, bij wijze van spreken, 90% teleurstelling en 10% feest is. Daar moet je doorheen. Wat blijft is wat ik noem: een gelouterd zelfvertrouwen. Dat is mijn motto geworden: ‘Doe in vertrouwen de dingen die je kunt doen, met je gaven en capaciteit.’

De leerschool is écht op God te vertrouwen, het is Zijn kerk en wij doen ons best. Mijn tijd in Oekraïne leerde me om trouw te zijn, volhardend in geloof en de gang van zaken meer over te laten aan God zelf.

Delen maakt je rijker. Dat geldt zeker als het gaat om materiële zaken. Maar ik denk ook aan gesprekjes hier om de hoek, met een alcoholverslaafde die wel een boeiend gesprek over de Russische literatuur kan voeren. Een dakloze is ook gewoon een mens, een schepsel van God, hoe erbarmelijk de omstandigheden ook zijn.

‘IK LAAT DE GANG VAN ZAKEN OVER AAN GOD ZELF’

De cultuurkloof blijft. Ik woon nu ruim 15 jaar in Oekraïne, ik kan converseren met de bevolking, maar uiteindelijk blijf je een buitenstaander. Wij worden nooit echt Oekraïeners.  Bij moeiten zijn  mensen geneigd eerder de kant te kiezen van hun familie of landgenoten.

Verder merk ik dat ik anders aankijk tegen de dingen waar het echt over zou moeten gaan, het evangelie! Er zijn op dit moment in Nederland veel zaken onderwerp van discussie. Dat heeft als gevaar, dat het alle energie naar zich toezuigt en dat we niet meer toekomen aan onze eerste rol als kerk naar buiten.

Je moet wel iets van avontuur in je hebben om dit werk te kunnen doen. Ik had al reizen gemaakt naar Oekraïne met Stichting Fundament. En ik had altijd al een verlangen om iets in de zending te doen. Toch was het in het begin in de praktijk moeilijker dan ik had verwacht. Er waren veel conflicten en er moest een nieuw evenwicht worden gevonden qua verschillen in werkstijl met collega’s. Dan kan het gebeuren dat de moed jein de schoenen zakt. Maar daardoor leer je volhouden. En vooral de laatste vijf jaar, zagen we de voorgangers groeien en  meer volwassen met elkaar omgaan. Dat geldt zowel voor de gemeenten als voor het seminarie. Het geeft ons meer vrijmoedigheid om een stap terug te zetten.

Naar Nederland gaan is spannend. De aanpassing van onze kinderen was bepaald niet makkelijk. Ook is op dit moment nog onbekend: welk werk wacht ons? Het werk in Oekraïne heeft mij veranderd. Ik ben ook benieuwd hoe dat het zal zijn om weer in een Nederlandse kerk te gaan dienen.”

(verhaal gaat verder onder de foto)

Dr. Erik van Alten

President Seminarie, Oekraïne Zending, standplaats Kiev

‘Als eerste ervaring bij mijn start komt bij mij naar boven de brede bedding van Gods kerk. De GKv komen vanuit een situatie dat men behoorlijk zelfreferentieel was, iets wat bij de zusterkerken in Zuid Afrika nog wel voorkomt.

Hier heb ik gezien dat Gods kinderen zich ook buiten de UERC bevinden, en kijk ik er ruimer tegen aan. Dat betekent niet meer liberaal waar het om het christelijk geloof gaat.

Als tweede: het heeft ons als gezin enorm op elkaar aangewezen. Hoewel alle kinderen wel vrienden hebben gemaakt, en we goed thuis zijn in Kiev is de gezinsband veel hechter geworden.

Dan is daar de taal van het geloof. Als buitenlander blijft communicatie soms lastig en we zijn niet allemaal zo taalvaardig als Cor.

‘WE SPREKEN ALLEMAAL DEZELFDE TAAL VAN HET GELOOF’

Maar door alles heen voel je dat je allemaal dezelfde taal van het geloof spreekt. Die ervaring is overal op te doen, maar is een van de mooiste herinneringen aan de tijd in Oekraïne.

De eerste twee jaren waren ingewikkeld, mede omdat de verwachtingen wat we aan zouden treffen nooit helemaal klopt met de werkelijkheid. Je gaat er heen met een zekere naïviteit. Zo functioneerde het seminarie veel beter dan ik tevoren dacht. En het was de bedoeling dat ik ook deels in de kerken werkzaam zou zijn, dat is in praktijk heel weinig geweest. Erg mooi is dat ik heb gezien dat de Oekraïeners steeds meer de verantwoordelijkheid voor het seminarie zelf oppakten.

Het beleidsplan van 2015 is daar een mijlpaal in.

In Zuid-Afrika wacht ons een traditioneel feestelijk ontvangst.  Na een half jaar is die euforie er van af en wordt het leven gewoon.

Tineke en kinderen kijken er naar uit. En het is spannend hoe vanuit Pretoria ik mijn 50%-taak voor het seminarie kan doen.

Print Friendly, PDF & Email